DE KERK EN DE BUITENAARDSEN.

Het was op een heldere maannacht, zowel een zegen als een vloek, in 1576 dat fra Giordano het klooster van San Domenico te Napels heimelijk ontvluchtte. Na jarenlange meditatie was de dominicaan tot een dubbele filosofische conclusie gekomen: het oneindig grote weerspiegelt zich via de kosmische eenheid in het oneindig kleine en in het oneindig grote bestaan er ontelbare bewoonde werelden. Die kosmische entiteiten waren echter geen wezens van vlees en bloed, maar louter geestelijke wezens die hij aanvankelijk vergeleek met de Egyptische goden , maar later als demonen zou bestempelen. En hier een eerste misvatting over Giordano Bruno, één der grootste renaissance-filosofen. Hij was geen voorloper van professor Drake die als astronoom trachtte in te schatten hoeveel intelligente beschavingen zich in ons melkwegstelsel zouden bevinden. Neen, we zouden hem nu een contactee noemen die in contact probeert te komen met aliens. Anderzijds gruwde fra Giordano van de wreedheden van de inquisitie waarbij zijn orde intens betrokken was en van de starheid van de katholieke dogmatiek. Tijdens zijn nachtelijke ontvluchting droomde hij er al van terug te keren om een soort copernicaanse hervorming in de kerk te bewerkstelligen, hij had trouwens een grenzeloze bewondering voor Copernicus. 

Maar eerst moest hij de nodige ervaringen opdoen. Zijn eerste stappen leidden naar Geneve, waar de hervormer Calvin een theocratische republiek had ingesteld (ook in Gent kende men tussen 1577 en 1584 een dergelijke calvinistische republiek) , maar spoedig werd de dominicaan daar als ketter verjaagd. Dan kwam hij in Engeland terecht. Hier was zijn ontmoeting met de magiër John Dee en het medium Edward Kelley van wezenlijk belang voor zijn verdere ontwikkeling. Beiden ontwierpen de taal Henochs of de taal der engelen waarmee ze beweerden in contact te staan. Voor dit magische contact gebruikten beiden een spiegel die zich nu in de kelders van het British Museum bevindt. Giordano nam  deel aan een schaakspel met de engelen (we zouden ze nu aliens noemen), men kon de bovennatuurlijke wezens niet zien maar ze bewogen wel de pionnen op het schaakbord.  

Na Engeland zwierf hij doorheen Europa, waar hij o.a. te Praag onder supervisie van de door occultisme bezeten Habsburgse keizer Rudolf 2 magische experimenten verrichtte.                                       Ondertussen kreeg zijn magische doelstelling vaste vorm: hij wou de populaire middeleeuwse demonische magie (ars notaria) of het bijna willekeurig oproepen van lagere demonen vervangen door metafysische magie of theürgie: hierbij legt men contact met hogere, aan hemellichamen gelieerde demonen die op hun beurt lagere demonen aan zich binden. 

En die theürgie wou hij ten dienste stellen van de kerk. Dan maar richting Rome, maar eerst een ommetje naar Venetië om een edelman in de magie te onderrichten. Die laatste raakte ontgoocheld, had meer zijn hoop op financieel gewin gezet en droeg Bruno prompt over aan de inquisitie wegens ketterij. Een tweede misvatting over Bruno. De inquisitie zou hem jaren later hoegenaamd niet veroordelen wegens zijn preoccupatie met demonen of zijn overtuiging dat er ontelbare door geestelijke entiteiten bewoonde werelden zijn. Daar hadden ze niet de minste interesse voor.               Wel beschuldigden ze hem onder meer van pantheïsme en zijn verloochening van het katholieke principe van de drievuldigheid .Dus loutere dogmatische kwesties. Hij werd in 1592 gearresteerd en na een opsluiting van 8 jaar te Rome verbrand op de Campo dei Fiori. Daar staat nu zijn standbeeld. Zijn ondervragingen en de daarbij horende folteringen duurden zo lang omdat hij zijn belagers voortdu-rend van zijn goede bedoelingen met de kerk wou overtuigen en weigerde zijn ketterijen toe te geven. 

Steven M. Greer krijgt een vreemd voorstel.

De Amerikaan Steven M. Greer is in het ufowereldje een hoge boom die veel wind vangt, van een stormachtige ijzige noorderwind die hem wil ontwortelen tot een zachte zuiderse bries die zijn mooie kruin nog meer in het zonlicht wil plaatsen. 

Eenvoudig uitgedrukt: hij heeft veel vrienden en tegenstanders. Zijn verguizers hekelen zijn grenzeloos naïef geloof in de new-age filosofie waarbij hij ufo’s ziet als herauten van een nieuw tijdperk zonder armoede met gratis, draadloze energie voor iedereen. Hierbij de notoire eindeloze herhalingen over nulpuntenergie zonder enig concreet bewijsmateriaal. Zijn bewonderaars hemelen hem op voor zijn nooit aflatende energie om het beruchte disclosure project toch te laten doorgaan: steunende op de freedom of information act de Amerikaanse overheid dwingen om alle geheime informatie over ufo’s vrij te geven. De antwoorden die hij onder meer van staatshoofden ,geheime agenten, generaals enzoverder op zijn vlijmscherp geformuleerde vragen gedurende zijn interviews krijgt overtuigen menig scepticus dat de Amerikaanse regering en dito legerleiding in het allergrootste geheim intensief het ufovraagstuk benadert en er veel meer over weet. Hierbij doorkruist Steven Amerika. Na een van zijn drukbezochte avonden legde een luisteraar vriendschappelijk zijn arm over Stevens schouder en fluisterde: Steven, wil je nu werkelijk alles over de ufo’s weten, wend je dan tot de Jezuïeten. Dat doen we nu in zijn plaats en gaan daarvoor zelfs terug naar de 17de eeuw.

Athanasius Kircher, een jezuïet, zet het levenswerk van Bruno verder. 

Bruno stierf op de brandstapel te Rome op 17 februari 1600, Kircher werd geboren op 2 mei 1602 te Geisa en overleed te Rome in 1680. Voer voor aanhangers van de reïncarnatiehypothese, want de jezuïet Kircher (sinds 1618) zette in het grootste geheim het werk van Bruno verder.

Ik zou Kircher graag de laatste universele renaissancemens noemen, maar daarvoor zitten we wel een eeuwtje te laat. Hij schreef meer dan 40 boeken over diverse onderwerpen. Hij deed onder meer grondig onderzoek naar magnetisme en stelde voor het eerst dat malaria en pest veroorzaakt worden door micro organismes. Hij schreef ook een aantal muziektheoretische werken, voornamelijk over de harmonie der sferen. Zijn grote belangstelling ging uit naar de Egyptische hiërogliefen. Zo lees ik in de Winkler Prins uit de zestiger jaren: zijn fantastische verklaring van de hiërogliefen leidde de studie hiervan voor meer dan 150 jaar op een dood spoor. Hier slaat men wel de bal serieus mis. Hij was niet zozeer geïnteresseerd in die tekens als communicatiemiddel, wel als dragers van occulte, magische energie, net zoals bij de runentekens. Zo liet hij monolieten met hiërogliefen in Rome plaatsen, de betekenis hiervan is nooit achterhaald, het zal wel een magische geweest zijn. Maar zijn allergrootste belangstelling ging uit naar de doelstellingen van Bruno’s studies. Hij bestudeerde zeer grondig de geschriften en theorieën van G Bruno, maar wel in het grootste geheim. Hij liet er immers niets over verschijnen. En het ging hier over Bruno’s obsessie: de buitenaardsen en/of demonen ten dienste stellen van de kerk. En volgens mij is hij hier zeer goed in geslaagd. 

Demonen van de lucht.

De demonen van de lucht ,samen met de antichrist, zullen grote wonderen doen op aarde en in de lucht. Personen zullen door deze kwade geesten van de ene plaats naar de andere worden gebracht.      

Deze zinnen heb ik al in mijn teksten meerdere malen aangehaald en trouwe lezers zullen ze dan ook herkennen uit de voorspellingen die Maria in 1846 doorgaf aan twee eenvoudige kinderen te La Salette: Melanie Calvat en Maximin Giraud. Het overige van de tekst is ook genoegzaam gekend: in de eindtijd zullen de belangrijkste wereldlijke regeringen samenwerken met de antichrist en de demonen van de lucht. Nu associeert men die tekst, meestal afgedaan als nonsensikaal katholiek fundamentalisme, met ufo’s, zelfs met ufo ontvoeringen (van de ene plaats naar de andere). Het is dan ook enkel in ufokringen dat die tekst nog eens ter sprake komt. In 1846 wist men echter geen raad met demonen van de lucht die de natuurwetten beheersen (wordt ook vermeld) en door ontelbaren zullen vereerd worden. Men herinnerde zich toen vaag dat de heilige Antonius door wellustige luchtdemonen verleid werd in de woestijn. Ze stuurden hem visioenen van uitdagende naakte vrouwen. Maar deze geniepige verleiders zag men toch niet in staat samen met de antichrist de wereldheerschappij over te nemen. De tekst werd dan ook gecensureerd. Trouwens, pas op het einde van de 19de eeuw maakt het geheimzinnige luchtschip, de voorloper van de huidige ufo’s, zijn eerste vreemde capriolen in het luchtruim. En het officiële ufo tijdperk begint pas op 24 juni 1947 met de legendarische waarnemingen van de Amerikaanse zakenman Kenneth Arnold. Nochtans was er veel vroeger een betrouwbare, door talloze getuigen bevestigde ufowaarneming. Alleen gaf men het een totaal andere uitleg. Datum: 13 oktober 1917, plaats van waarneming: Fatima, Portugal. 

Een vliegende schotel komt Maria te hulp.

Magiërs hebben de rare neiging een handtekening te plaatsen, soms in de vorm van een datum of een deel ervan. De vervolging van de tempeliers begon op 13 oktober 1307, het zonnewonder te Fatima, het door Maria aangekondigde orgelpunt van de verschijningen, geschiedde op 13 oktober 1917. Op zoek naar een betrouwbare getuige, die we vinden in de persoon van vellino de Almeida.

Als ongelovig journalist ging hij naar die afspraak, niet gewapend met een paternoster, maar met een flinke dosis scepticisme. Hij had immers de bedoeling het hele gedoe als commerciële speculatie aan de kaak te stellen. Hier volgt verkort zijn objectief relaas, zonder mijn commentaar. Er waren tussen de 30.000 en de 100.000 mensen – Op het aangekondigde uur houdt de regen op en de wolkenmassa scheurt uiteen – Plots verschijnt een discus van mat zilver die men zonder bezwaar kan bekijken – Die schijf (door de mensen abusievelijk voor de zon aangezien) maakt ronddraaiende bewegingen, waardoor de aarde in verschillende kleuren belicht wordt –Die schijf schijnt op de massa neer te storten waarbij geheimzinnige voorwerpen (men spreekt over bloemen en haar) naar beneden dwarrelen die echter verdwijnen voor ze de grond raken. Het verschijnsel duurt ongeveer 10 minuten, de doorweekte klederen van de mensen worden plots droog.  Achteraf bleek dat boeren bij voorbaat de schijf naar de plaats van afspraak zagen zweven. 

Een indrukwekkend heiligdom.

Tijdens een vakantie te Trier (terecht het tweede Rome genoemd) en omgeving had ik een lang gesprek met een overtuigd katholiek die zojuist van Fatima was teruggekeerd. Enthousiast vertelde hij over een immens plein tweemaal zo groot als het St.-Pietersplein te Rome, omringd door een indrukwekkende basiliek , een imposante ultramoderne kerk, de historische kapel en een interessant museum. Dit heiligdom mag zich dagelijks in gemiddeld 30.000 bezoekers verheugen. Op de vraag hoe men daar het zonnewonder benaderde kreeg ik een antwoord dat me bijna van mijn terrasstoel in de Moezel deed glijden: “Over welk zonnewonder hebt u het, nog nooit over gehoord, niets daarvan ginds gezien”. Achter de Mariaverschijningen steekt een grondig uitgekiende strategie: ze hebben bijna altijd plaats als de kerk zich aldaar in een crisissituatie bevindt. Tussen 1910 en 1926 telde het wankele Portugal niet minder dan 44 regeringen. Die republieken voerden een ongenadige antiklerikale politiek die zelfs aan godsdienstvervolging grensde. Vanaf 13 mei 1917 begonnen dan de verschijningen. Achteraf, onder het goedkeurend oog van dictator Salazar (met de bouw van de basiliek begon men in 1928) verrees het reusachtig katholiek complex. Een plaats van rigoureus antiklerikalisme werd omgetoverd tot een overtuigend architectonisch geheel van katholiek triomfantalisme.  Met weinig of geen (als ik mijn gesprekspartner mag geloven) referenties naar de vliegende schotel die toch een cruciale rol heeft gespeeld. Men beweert dat de toenmalige paus Benedictus 15 eveneens in zijn prachtige tuin in Vaticaanstad het zonnewonder heeft mogen aanschouwen. Kircher, je hebt jouw voorbereidend werk in de 17de eeuw zeer goed verricht. De vliegende schotel heeft blijkbar een ommetje naar Rome gemaakt. Maar ook België kent zijn zonnewonder. Weliswaar mislukt. Voorlopig althans. Maar er zijn plannen.

 

wordt vervolgd.

 

Tekst: Corry Geijsen                                                                        Illustraties: Patrick Coucke