Als gids kwam ik het meerdere malen tegen, als door de beiaard het Roelandslied over het Gentse stadscentrum weergalmde zongen  sommige groepen luidkeels mee. Want dit lied blijft nu eenmaal het symbool van de verbeten, maar meestal hopeloze strijd van Vlaanderen in het algemeen en Gent in het bijzonder tegen vreemde overheersers.  In de negende eeuw, ten tijde van Karel de Grote, hadden de Arabische moslims reeds een gedeelte van Spanje veroverd. Karel de Grote trok ten strijde tegen hen, Roeland vormde de leider van zijn achterhoede. De Spaanse moslims noemde men de Saracenen. Tijdens de terugtocht werd de achterhoede door de Spaanse moslims aangevallen en afgeslacht. Roeland weerde zich overmoedig en blies slechts stervende op zijn hoorn, zodat het leger van Karel de Grote te laat kwam om hen te redden. Zo stond  het in de boekjes, zo werd het verteld. De waarheid ligt elders. Het Karolingische leger had een enorme schat op de Saracenen buitgemaakt en de achterhoede werd door Basken gekeeld die het op die schat gemunt hadden. Dit is niet de eerste leugen die we gaan ontmoeten in de onverkwikkelijke geschiedenis die volgt. Hoe dan ook, Roeland gaf zijn naam aan de Gentse banklok (ook stormklok genoemd) die in 1314 werd gegoten en in het pas opgerichte Belfort werd gehesen via openingen in de vloeren (nu uiteraard gedicht) en diende om bij gevaar de stedelingen te verwittigen of om belangrijke gebeurtenissen luidend  te begeleiden. Later werd ze ook om het uur geluid.

De torenwachters, nu vervangen door stenen beelden, werden ook kannenschijters genoemd omdat ze een aarden kruik meekregen om hun behoeften in te doen. Hangende in het Belfort, symbool van de Gentse vrijheid, bewaakt door een draak kreeg ook Klokke Roeland een mythisch aureool waaraan niet mocht geraakt worden. Tijdens de opstand van de Gentenaars tegen keizer Karel 5 (1539 – 1540) waagde die Habsburgse keizer toch de mythe rond de klok te trotseren door ze als straf via de openingen naar beneden te halen en ze te verbergen in Rijsel. Was het uit eerbied en zelfs angst voor de legendarische stormklok of uit medelijden voor de Gentenaren, maar de fierheid van Gent werd in het Belfort opnieuw omhoog gehesen waar ze trots tot de 17de eeuw haar magische klanken liet luiden. Dan werd ze stukgeslagen door Pieter Hemony om ze te smelten, maar de Gentenaren protesteerden niet want weldra zouden bovennatuurlijke, weliswaar duivelse klanken boven Gent weergalmen, dankzij die duivelskunstenaar ,de beruchte klokkengieter Pieter Hemony uit Zutphen (Gelderland) .

Het drievoudig geheim van Pieter Hemony. 

Reeds gedurende zijn leven gaf Pieter Hemony (1619 – 1680) aanleiding tot mythevorming, want wiskundigen, leerlingen van Descartes, begrepen maar niet dat zijn klokken met een ongelofelijke mathematische nauwkeurigheid de juiste boventonen lieten horen. Dit was bijna bovenmenselijk. Later bleek zijn geheim drievoudig te zijn. Hij liet zijn klokken iets dikker dan men gewend was gieten zodat er de nodige stemreserve voorhanden was.  Ook had hij een blinde man in dienst (Jacob van Eyck) die over een uitzonderlijk gehoor beschikte zodat hij de boventonen kon horen. Tenslotte had hij een vernuftig toestel ontwikkeld met zandkorrels op een soort plank die enkel bij de juiste boventonen begonnen te schudden. Niets duivels dus. Wel duivels was het plan dat de Gentse magistraten, na het nuttigen van het nodige gerstenat, beraamden om die Nederlander eens duchtig beet te nemen. 

De grote Triomfante en de vloek van Hemony  

Het Gents stadsbestuur had beslist Klokke Roeland te vervangen door een beiaard en men deed hiervoor beroep op …Pieter Hemony .In 1659 goot Hemony voor de Gentse beiaard 37 klokken. Hij werd keurig

betaald, de klokken waren trouwens prachtig versierd. In 1660 werd een nieuw contract opgesteld voor het gieten van drie grote luidklokken waaronder de Grote Triomphante ter vervanging van klokke Roeland. En nu speelde men vals. Er werd overeengekomen dat de Gentenaars Hemony pas zouden betalen als zijn klok beter klonk dan de Gentse klok van de Sint-Janskerk (nu St.-Baafs). Vertrouwend op de eerlijkheid van het Gentse stadsbestuur stemde Pieter toe. Toen het zover kwam en het prachtig geluid van Pieters klok die van Gent verre overtrof beweerden de Gentenaren het tegenovergestelde, uiteraard resulterend in Hemony’s grote woede die gewoon stamelde: dit is zuivere godslastering. Zo goed als een vloek uitsprekend over klokke Roeland ,want zo bleven de Gentenaren de Grote Triomphante noemen ,dit doen we dan ook. Pieter spande tegen Gent een proces in dat jarenlang aansleepte. Vrouwe Justitia deed even haar blinddoek af en gaf de Gentenaren gelijk. Pieter kreeg slechts een miniem gedeelte van de gevraagde vergoeding. Voor het eerst liet de klok haar prachtige klanken  weerklinken voor de zaligverklaring van paus Pius 1. De vloek leek vergeten, tot 1914.

In 1913 verwelkomde Gent de wereldtentoonstelling en de Gentenaren vergaapten zich aan de wonderen van de elektriciteit als kinderen die de geschenken van  Sinterklaas aanstaarden. Men besloot dan ook voor het eerst de klok elektrisch te laten luiden. En nu kon de geest van Hemony voor het eerst , maar niet voor het laatst wraak nemen. De vroegere klokkenluider zorgde er immers voor dat de door hem bediende klepel steeds op een andere plaats terecht kwam. Dit had men over het hoofd gezien, de elektrisch aangedreven klepel sloeg nu steeds op dezelfde plaats in en er kwam een barst in de grote Triomfante, alias klokke Roeland.

Ze speelde nu vals, haar toon was niet om aan te horen. Dit gebeurde tijdens de Gentse Feesten van 1914 (altijd de week waarin 21 juli valt). Er ontstak ook nog een hevige storm die onheilspellend loeide doorheen de barst van de klok, want er was een legende dat een huilende Klokke Roeland een grote ramp voor Gent zou inluiden. Voeg hierbij dat er veel zwarte vogels in het Gentse werden gesignaleerd en de vloek van Hemony kwam weer volop ter sprake, vooral in de herbergen. Er werd nog geen verband gelegd met het fatale schot in Sarajevo dat miljardvoudig zou herhaald worden om het kruim van de Europese jeugd genadeloos weg te maaien, want de eerste oorlogsverklaring (Oostenrijk – Hongarije tegen Servië) viel pas op 28 juli. 

En toch kwam iets van de voorspelling uit want op 12 oktober 1914 stonden de Duitsers te Gent. Aanvankelijk lieten ze een begerig oog op Klokke Roeland vallen, want het overdadige brons zou heel wat kogels opleveren. Maar het Duitse opperbevel ging niet akkoord, men wou niet raken aan de Gentse icoon, want men wou van Vlaanderen een onafhankelijke Duitsgezinde staat maken. Integendeel, op 31 augustus 14 liet men de klok nog eens luiden want de Duitsers hadden de Russen verslagen in de slag bij Tannenberg. De klok produceerde echter een vreselijk geluid. De Duitse overwinning was van een grote symbolische waarde want in 1410 werd de Teutoonse of Duitse Orde (zeg maar de Duitse voortzetting van de tempeliers) verpletterend verslagen door Poolse, Litouwse en Tataarse strijdkrachten. In de tweede wereldoorlog zag men enkele Gentse jongelingen optrekken om eveneens te gaan vechten tegen de Russische, bolsjewistische beer. Hun uniform was echter niet getooid met een tempelierskruis maar met een hakenkruis. Het liberaal, clandestien gedrukte studentenblad “Klokke Roeland” (een eer voor de naam van de Gentse klok) protesteerde onder meer hiertegen. Menig liberaal student eindigde zijn veelbelovend jong leven in een of ander Duits concentratiekamp. Moedige jongens. De defecte grote triomfante bleef nog tot 1948 in de klokkentoren van het Belfort hangen, dan werd ze vervangen door een nieuwe klok in Doornik gegoten: de Michielsklok. Die genoot echter geen triomf of bekendheid, de Triomfante werd op een sokkel aan de voet van de Sint-Niklaaskerk geplaatst en werd in feite gedegradeerd tot een louter toeristische bezienswaardigheid. De Gentenaren bleven haar getrouw Klokke Roeland noemen. Ik beschouw dit als de slaap van de klok. Pas in 2002 ontwaakte men uit die slaap, zelfs uit een lucide droom die men ten alle prijs wou realiseren: men zou de barst laten herstellen en de klok opnieuw in het Belfort, in haar domein dus plaatsen. 

Klokke Roeland verrijst uit de doden maar stijgt niet op ten hemel 

Euforie alom. Men heeft in het Nederlandse Asten een firma gevonden (Eysbouts) die aan een behoorlijke prijs (24.500 euro) de barst wil herstellen. “De Grote Triomfante zal straks in een zuivere toon G-nul over de stad galmen” De Gentse schepen Van Rouveroy kreeg zelfs de grootmoedige inval op zoek te gaan naar eventuele afstammelingen van Pieter Hemony om hen toch nog (uiteraard omgerekend in euro’s) het aan Pieter verschuldigde bedrag te overhandigen. Op 23 mei 2002 werd Klokke Roeland van zijn sokkel op het Emile Braunplein gehaald en afgevoerd naar de klokkengieterij in Asten. En dan kwam de lang verwachte dag: op Pasen 2003 vertrok een triomfantelijke stoet met de fiere klok zonder barst richting Belfort om de icoon terug op zijn vertrouwde plek aan de voet van het Belfort te plaatsen. Kenners beweerden dat ze nu weer klonk als de beste klokken .Met een klepel van meer dan 50 kilo testten enkele prominenten dit uit .Spoedig zou ze weer in het Belfort hangen (in 2004 of 2005 als de restauratiewerken aan het Belfort klaar zouden zijn). Dat men Pasen uitkoos had een overduidelijke religieuze verwijzing: net zoals Christus herrezen is ,is ook de klok herrezen. Maar daarna steeg Christus ook ten hemel op. De voorziene verticale trip van Klokke Roeland was heel wat korter: enkel naar zijn oorspronkelijke plaats in het Belfort .Maar die korte hemelvaart greep nooit plaats. Men had één detail over het hoofd gezien: de vloek van Pieter Hemony was nog niet uitgewerkt, integendeel, nu pas zag hij zijn kans schoon om op een zeer subtiele wijze zijn plan uit te voeren. Die onthutsende, iedere logica tartende afwikkeling vertel ik jullie de volgende maal.

 

Wordt vervolgd  

 

Tekst: Corry Geijsen                                                                                      Illustraties: Patrick Coucke